Baarnse Literatuurprijs

De reünie

12 augustus 2023 om 08:59 Kunst Baarnse Literatuurprijs

Prominent stond hij in het midden van de zaal met om hem heen een schare oud-klasgenoten. Leo, de populairste jongen van haar klas. De jongen waarop ze hopeloos verliefd was geweest, maar die haar nooit had zien staan.

Met een glas witte wijn in haar hand staarde Cindy naar het tafereel. Niets leek veranderd, als vanouds wist hij alle aandacht moeiteloos naar zich toe te trekken. Had ze er goed aan gedaan om naar deze reünie van haar middelbare school te gaan? Wat had ze er eigenlijk te zoeken? Met één blik op Leo wist ze het weer: hij had nog steeds een onweerstaanbare aantrekkingskracht op haar. Nu zou ze voor eens en voor altijd revanche nemen met haar nauwsluitende jurk, haar fonkelende oorbellen en stiletto pumps. Ze was niet langer meer dat onbeduidende meisje dat hij steeds over het hoofd had gezien.

Ze mengde zich in de groep en lachte mee met de grapjes die rondgingen. Leo gaf geen enkel teken van herkenning. Voor ze het wist hadden drie schoolvriendinnen haar naar een hoek van de zaal gemanoeuvreerd en gingen de gesprekken over kirrende baby’s en succesvolle echtgenoten. Dat schoot niet op.

Verveeld slenterde ze naar de bar om haar wijnglas bij te laten vullen.

‘Ha, Cindy,’ klonk het naast haar. ‘Wat leuk om jou te zien! Enne, wat zie je er weer fantastisch mooi uit.’

Ze herkende de stem meteen: Albert, het pispaaltje van de klas. Hij wiegde heen en weer op We’re going to Ibiza dat op de achtergrond klonk en wachtte ondertussen geduldig op zijn drankje, een groot glas cola. Cola, schoot het door haar heen. Cola en Albert. Het schaamrood steeg haar naar de wangen.

‘Is er iets? Je kijkt zo verschrikt.’

Ze schudde haar hoofd en gaf aan dat ze later nog wel met hem verder zou kletsen. Ze had frisse lucht nodig en vluchtte naar buiten. In een flits was ze terug bij die zomerdag twintig jaar geleden. Leo had een fles rum uit de voorraadkast van zijn ouders gekaapt. Met een fles cola erbij hadden ze in een groep, weggedoken achter het fietsenhok, cuba libres gemixt. Ze had het vies gevonden, dat drankje met zijn zoete bedwelmende smaak.

‘En dit is voor Albert.’ Leo had het met overslaande stem geroepen. In zijn ene hand de fles met het restant cola, in de andere de schooltas van Albert. Vol overgave had hij de kleverige drank in de tas gegoten. Iedereen had gegrinnikt en na afloop zijn mond stijf dicht gehouden toen de schoolleiding navraag had gedaan over het hoe en wat. Ook zij.

Hoe lang had ze buiten rondgehangen en haar tijd gevuld met nietszeggende kletspraatjes met oud-leerlingen die ze nauwelijks kende? Ze haalde haar smartphone tevoorschijn. Nog precies vijf minuten had ze om de laatste trein te halen. Zonder ook maar iemand te groeten rende ze weg.

Met die stilettohakken ging ze het nooit halen. Dan maar zonder schoenen en wat pijn lijden, was haar conclusie. Het mocht niet baten. Het enige wat ze zag bij het treinstation waren twee rode achterlichten die razendsnel in het donker verdwenen. Besluiteloos bleef ze voor het station treuzelen. Een vriendin bellen, een taxi, een hotel. Ze was nog druk bezig mogelijkheden tegen elkaar af te wegen op het moment dat een oude Fiat Panda stopte. Een raampje ging naar beneden en ze keek recht in het gezicht van Albert. De man die ze de hele avond had geprobeerd te ontlopen.

‘Hak gebroken?’ Hij gebaarde naar de schoenen die ze nog steeds in haar hand had.

‘Nee, de laatste trein gemist.’

‘Stap maar in, dan breng ik je naar huis.’

In een mum van tijd zat ze naast hem en waren ze onderweg. Hun gesprek kwam aarzelend op gang, ze voelde zich niet op haar gemak. Ze moest iets met dat schuldgevoel van haar.

‘Je bent vaak gepest op school,’ zei ze plompverloren. ‘Niemand die het voor je opnam. Ook ik niet. En dat spijt me.’

Albert haalde zijn schouders op. ‘Ach, we hadden op die leeftijd allemaal nog veel te leren. Het is allemaal goed gekomen, hoor.’ Vol enthousiasme verhaalde hij over zijn Amsterdamse leven met echtgenoot Rudy en zijn baan als kostuummaker bij het Nationaal Ballet.

Ze stopten voor de deur van haar appartementencomplex. Ze reikte naar haar schoenen die al die tijd naast haar voeten hadden gestaan. Ze stond op het punt om uit te stappen, toen hij zei:

‘Mag ik nog wat opbiechten?’

Ze knikte, haar blik vol verbazing.

‘Tijdens al die schooljaren droomde ik ervan dat ik jou ooit een keer achterop mijn fiets naar huis zou mogen brengen.’ Albert grinnikte om zijn eigen bekentenis. ‘Waarschijnlijk was ik verliefd op jouw jurken met ruches en strikjes. Ik was nog maar een kind, wist ik veel.’

Ze kon niet anders dan in lachen uitbarsten.

Hij keek haar plagend aan. ‘Welterusten Cindy, Cinderella.’

Ze schoot in haar pumps en blies hem een kushand toe. Met een grote glimlach op haar gezicht sloot ze behoedzaam het autoportier.

Mail de redactie
Meld een correctie

Christine Schut
Deel dit artikel via:
advertentie