Alt Anne-Marieke Evers is zaterdag één van de vier solisten.
Alt Anne-Marieke Evers is zaterdag één van de vier solisten. Marco Jansen

‘Herr, gehe nicht ins Gericht’ BWV 105 in de Pauluskerk

Muziek

BARN Ja, het moet er maar eens van komen: sidderen en beven op drijfzand in de kerk…. Zaterdag 21 mei is het zover. Cantate 105 die eigenlijk bedoeld is voor een zondag in juli, wordt tijdens de vesper van aanstaande zaterdag uitgevoerd door de Bach Cantorij Baarn onder de voor iedereen verrassende, want nog geheel onbekende leiding van Patrick Pranger.

Patrick Pranger was wel ooit assistent van onze vaste dirigent Boudewijn Jansen, dus het zit wel goed. Vier vocale solisten maken hun opwachting: Tanja Obalski, sopraan, Anne-Marieke Evers, alt, Leon van Liere, tenor en Remmert Velthuis, bas.

In de reguliere orkestbezetting dit keer twee hobo’s en een extra koperblazer, bugelspeler Ruud Ootes.  Organist is Henk van Zonneveld.  Als gastspreker verwelkomt de BCB Ad de Keyzer, theoloog en wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Titus Brandsma Instituut, een wetenschappelijk onderzoeksinstituut aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

BWV 105 Nadat Bach in februari 1723 met goed gevolg zijn cantoraatsproeve had afgelegd, trad hij op 30 mei officieel in Leipzig aan als Cantor und Director Musices. Een langgekoesterde wens ging hiermee in vervulling en meteen daarop stortte Bach zich met onnavolgbare ijver en muzikaal genie op het creëren van zijn masterplan: het componeren van complete cantatejaargangen voor alle zondagen in het kerkelijk jaar, aangevuld met religieuze werken voor kerkelijke feest- en gedenkdagen.

Bedenk: meer dan de helft van alle overgeleverde religieuze cantates die Bach componeerde, zijn ontstaan in de eerste drie à vier jaar na zijn aanstelling als Thomascantor. En reken maar, dat Bach zo kort na zijn komst in Leipzig, in juli 1723 - toen bwv 105 voor de negende zondag na Trinitatis werd geschreven - zijn compositorisch vernuft alle ruimte gaf. Het werd een meesterwerk.

WAT DOE JE ZOAL IN DE ZOMER? In de lange periode na Trinitatis (het feest van de heilige Drievuldigheid, de eerste zondag na Pinksteren), die loopt van eind mei tot begin november, ligt in het leesrooster van de lutherse geloofsgemeenschap veel nadruk op het thema zonde en ziekte, De echo daarvan vind je terug in de cantates van Bach. Maar anders dan in de zomerse boetepreken en kastijdingen vanaf de kansel, wilde Bach juist in zijn muziek de toehoorder op het goede pad helpen (houden). Bach gunt ons binnen het bestek van een cantate een blik in de hemel en een blik op de wereldse werkelijkheid. De toehoorder moet zelf in levenshouding en gedrag de juiste keuzes te maken. Het gaat dus niet om verbanning, vervloeking of uitgeworpen worden in de buitenste duisternis…., maar om empathie en troost voor ieder mens.

SIDDEREN OP DRIJFZAND Dat vermogen je in een ander te verplaatsen blijkt zonneklaar in BWV 105, Herr, gehe nicht ins Gericht mit deinem Knecht, geënt op de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester uit Lukas 16: 1-9.

Angst en bijna overwonnen angst worden in drie van de zes delen van deze cantate hoorbaar gemaakt door het gebruik van tremolo, het in snel tempo spelen van dezelfde noot. Eerst als uitbeelding van de zenuwachtige rentmeester in het openingskoor en uiteindelijk in het slotkoraal waarin de angst gaandeweg uitdooft. En daartussen zit die meesterlijke aria voor sopraan. De basso continuo (orgel, cello + fagot), het hart van het orkest, ontbreekt geheel en al. Een aanhoudende stroom van zestienden noten in eerste en tweede violen bieden een wankel vangnet voor de in de ether tastende sopraan. En wat zingt zij? ‘Hoe sidderen en wankelen de gedachten van zondaren….[] zo wordt een geprangd geweten door eigen foltering verscheurd’. Haar tegenstem en metgezel is de hobo, net als zij door een gekweld geweten in angst gevangen. Een wankel evenwicht, geen fundament dat uitkomst biedt.

Na een hoopgevend basrecitatief, waarin cello en contrabas slechts tokkelen, volgt dan in de tenoraria de ontlading. Vlotte dansmuziek in vierkwartsmaat, toegankelijke harmonie, je wordt er vrolijk van. Een enkele koperblazer neemt het stoer op tegen de virtuoze tenorpartij: alle aardse verleidingen, de Mamon, worden muzikaal overboord gegooid. Probleem opgelost. De zielenrust kan nu overvloedig neerdalen. Toch?

Toch niet. De bevende onzekerheid en de gewetenswroeging keren terug in het begeleide slotkoraal met naspel. Maar gelukkig, inmiddels weet de oplettende luisteraar dat het geplaagde geweten te stillen is. In een laatste meesterzet - even eenvoudig als effectief - laat Bach het gesidder in de strijkers langzaam vertragen en uitdoven. Stilte. Eindelijk rust.


CONCERT Pauluskerk zaterdag 21 mei 16.30 uur. Toegang gratis, collecte na afloop. Verder op het programma: een Fantasia voor orgel van Bach, een motet van Gesualdo en een concertje voor twee hobo’s, strijkers en continuo van Vivaldi.

door Aleida Hamel

Bariton Remmert Velthuis.
advertentie