Een tekening uit 1947 van M.C. Escher van Villa Ekeby aan de Van Heemstralaan, waar hij heeft gewoond, totdat het terrein in 1956 werd verkaveld.
Een tekening uit 1947 van M.C. Escher van Villa Ekeby aan de Van Heemstralaan, waar hij heeft gewoond, totdat het terrein in 1956 werd verkaveld. M.C. Escher/Historische Kring Baerne

In de spiegel van Escher: route langs zijn locaties in Baarn

26 maart 2026 om 10:00 Cultuur

BAARN De Baarnse auteur en altvioliste Ewa Maria Wagner schrijft een aantal essays die de activiteiten rondom Escher in Baarn onder de aandacht brengen. Vandaag deel 1, wandelend en op de fiets langs de tastbare herinneringen aan de wereldberoemde kunstenaar die van 1941 tot 1970 in Baarn woonde en werkte.

Ewa Maria Wagner

In oktober 1998 presenteerde Wim Hazeu in een van de kleine zalen van Kasteel Groeneveld zijn biografie over Maurits Cornelis Escher. Ik zat in het publiek en verstond geen woord – het Nederlands lag toen nog buiten mijn bereik. Wat wél tot mij doordrong, was Eschers magische wereld waarmee hij de werkelijkheid leek te ondervragen. Dat Baarn geen voetnoot in zijn leven was, wist ik toen nog niet. Pas vele jaren later, toen ik zelf naar Baarn verhuisde, ontdekte ik dat Escher zich na jaren van omzwervingen door Italië, Zwitserland en België in 1941 met zijn gezin in dit dorp vestigde, onder meer omdat hij hier een goede school voor zijn kinderen vond. Inmiddels het Nederlands machtig, las ik Hazeus biografie opnieuw, juist in de weken dat Baarn – eind februari 2026 – een nieuw Eschercentrum opende. Het voelde alsof de cirkel zich langzaam sloot.

ICONISCH MOTIEF

Met een fonkelnieuwe fiets- en wandelroute in mijn hand ga ik op zoek naar sporen van de (bijna) dertig jaar dat Mauk – zoals Escher door intimi werd genoemd - hier woonde. Ik begin bij Amalialaan 27–37, bij het appartementencomplex waar in de hal een paneel met Metamorphose III (1967–1968) te zien is. Een iconisch motief in een beeldverhaal waar vormen in patronen veranderen en de vlakverdeling tot een kringloop maken. Hoe langer ik kijk, des te duidelijker leunen tijd, eeuwigheid en oneindigheid op het ritme van de herhaling; de grenzen van mijn denken verschuiven. In het trappenhuis lopen intussen mensen die me groeten en meekijken. Door het alledaagse lijkt de orde speelser en ik ontdek dat de volgorde van de route niet klopt, wat me een gedachte aan Eschers glimlach ontlokt. Ik laat die volgorde los.

STILLE BRON VAN REFLECTIE

Eschers eerste adres in Baarn sla ik over, Nicolaas Beetslaan 20. Uit de biografie weet ik dat zijn huis daar in 1943 al gauw door Duitsers werd gevorderd. Op het Stationsplein fiets ik even langs het onopvallende kunstwerk Hommage aan Escher in de voortuin van de Herensociëteit, gemaakt door de Baarnse beeldhouwer Wijnand Zijlmans. Ik heb het al honderden keren gepasseerd. Toch zie ik er telkens andere vormen in, wat me uitnodigt om met andere ogen te kijken naar dingen die ik dacht te kennen. De dag is onverwacht mild als ik de Wilhelminavijver passeer. Escher liep hier regelmatig onderweg naar Groeneveld of terug.

In enkele bronnen wordt deze plek als mogelijke inspiratie genoemd voor prenten als Modderplas en Drie werelden (1955), maar ik zie geen spiegeling in het water waarmee Escher zo graag speelde, waarvoor de vijver een stille bron van reflectie was. De bodem is kwetsbaar en kurkdroog, de schoonheid van vroegere jaren lijkt voorgoed vervlogen. Maar er zijn plannen voor herstel – lees ik in de brochure. Deze plek verdient zijn waardigheid in de meest letterlijke zin en ik droom een ontmoeting tussen water, licht en landschap waar Eschers blik zo gevoelig voor was, en waar zijn kunst uiteindelijk zo diep in geworteld raakte.

WERELD VAN VERBEELDING

Voordat ik landgoed Groeneveld bereik, fiets ik een extra rondje op de rotonde met Concentrische Schillen - een driedimensionale vertaling van Eschers perspectief, ruimte en infiniteit. Onthuld ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van de kunstenaar (in 1998) op initiatief van Jan Nijhof en Mark Veldhuijsen, weet ik van de brochure. De cirkels trekken zo sterk mijn aandacht dat ik de afslag naar Kasteel Groeneveld mis en een tweede ronde fiets. Het is precies wat Eschers werken met me doen, ze verschuiven de norm, de werkelijkheid kantelt en ik stap de wereld van verbeelding binnen. Nu is het even opletten dat ik de weg terugvind.

Op het terrein van Landgoed Groeneveld stap ik af en laat mijn fiets voor het kasteel staan. Op de lange, mooie lanen vouwt de tijd zich samen en Escher loopt naast mij. Ik weet dat hij vrijwel dagelijks de bossen rond het kasteel bezocht en de bomen hier bewonderde. Ook de aangelegde vijvers boden hem een landschap waarin spiegeling en perspectief zich bijna vanzelf aandienden. Wanneer de zon op het water valt, oefen ik mijn blik, wat zou Escher nu zien? Welke lijnen, welke herhalingen? En welke verbindingen tussen werkelijkheid en reflectie zouden bij hem tot inspiratie leiden?

BACH

Bij het woord inspiratie denk ik al snel aan Bach en zijn muziek. Hij behoorde tot de componisten die Escher niet alleen bewonderde, maar die hem ook tot denken aanzette. Wat hen verbond, was een diepe gevoeligheid voor orde en structuur – iets wat in de natuur overal aanwezig is. Escher bestudeerde met grote aandacht insecten, landschappen, planten en zelfs korstmossen. Die waarnemingen vormden vaak het vertrekpunt voor zijn grafiek. Niet zelden gebeurde dat terwijl de muziek van Bach in zijn atelier klonk – muziek die, net als Eschers werk, uit herhaling, variatie en een bijna wiskundige helderheid is opgebouwd.

RITMISCHE HERHALINGEN EN VARIATIES

Na een flinke wandeling door natuur en verbeelding fiets ik verder naar de Van Heemstralaan 28, waar Escher het langst woonde. Op deze kavel liet hij een groter huis bouwen, met achterin een ruim atelier. Verhuizing en nieuwbouw vormden ook hier het weefsel van zijn leven en werk. De buitenwereld drong onvermijdelijk binnen, waarop Escher reageerde met een gedisciplineerde toewijding: hij trok zich terug in de orde van zijn beelden en verhief de illusie tot een universum met eigen wetten.

In zijn prenten keren motieven terug in ritmische herhalingen en variaties. Binnenruimtes, trappen en muren verschuiven langzaam van betekenis en ondergaan een transformatie die lijkt te verwijzen naar een eeuwige cyclus van dag en nacht of naar de toonaarden majeur en mineur. Wat Bach in zijn contrapunt onderzoekt, benadert Escher via het oog: zijn beelden laten het perspectief kantelen en leren ons anders kijken.

Dat Baarn Escher inspireerde, is op meerdere plekken zichtbaar. Zo ontwierp hij in 1967 voor het Baarnsch Lyceum twee zuilen met tegelpatronen, en ook de decoratieve tegels in de M.C. Escherlaan herinneren aan zijn vormentaal. Nu het Eschercentrum open is, zou Baarn naar mijn smaak nog meer van Eschers werk – of verwijzingen ernaar – in het straatbeeld mogen opnemen, als een levende herinnering aan de kunstenaar die hier zo lang woonde en werkte.

HAZEU

Mijn route nadert het einde als ik de Nieuwe Algemene Begraafplaats aan de Wijkamplaan bereik. Op de litho op Eschers graf maken zich vogels los van hun vorm, een beeld dat Escher nog ruim vóór zijn dood de toepasselijke titel Bevrijding gaf. Mijn blik glijdt naar het graf ernaast en ik lees de naam van Wim Hazeu, die jaren geleden mijn fascinatie voor Eschers wereld hielp aanwakkeren. En terwijl mijn gedachten zich nog moeten ordenen, vliegt boven mijn hoofd toevallig een zwerm vogels in brede cirkels door de lucht. Tegelijk klinkt er, dichterbij, een zachte vogelzang.
Hoor ik het werkelijk, of verbeeld ik het me?
Ik kijk, luister, denk en ontdek wat Escher al zo vaak liet zien: dat elk einde zich ergens weer naar een begin beweegt om zich over het gewone opnieuw te verwonderen.

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie