,,We vinden het opmerkelijk. Dit is eigenlijk niet gegaan zoals het zou moeten gaan. We hebben de indruk dat er nauwere betrekkingen zijn tussen de wethouder en de landgoedeigenaar dan tussen de wethouder en de inwoners. Het lijkt ons dat de wethouder minstens een neutrale positie moet innemen”, aldus Meike van de Linde van de Fietsvrienden Pijnenburg. ,,Ons streven is dat het fietspad weer wordt opengesteld. We hebben veel moeite moeten doen om de correspondentie tussen de wethouder en de landgoedeigenaar boven water te krijgen. Daaruit blijken geen gelijkwaardige verhoudingen, dat is voor ons zeer teleurstellend.”

Het lijkt ons dat de wethouder minstens een neutrale positie moet innemen

Van de Linde doelt op het feit dat een tweetal e-mails die zij, samen met Rosalie Smit, aan wethouder Vissers stuurde, zijn doorgestuurd aan de landgoedeigenaar. In de e-mails doen zij suggesties voor alternatieven voor de afgesloten fietsroute over landgoed Pijnenburg en geven aan dat het voor fietsers een prima oplossing zou zijn als op basis van het handhavingsverzoek de afgesloten fietsroute tijdelijk wordt heropend totdat de alternatieve fietsroutes zijn gerealiseerd. Daarnaast is er nog een email van 14 december 2020 van Vissers aan de landgoedeigenaar waarin ze schrijft: ‘Bijgaand de afwijzing van het handhavingsverzoek dat we morgen in het college willen bespreken. Ik hoop dat je je hierin kunt vinden’. Waarop Insinger een aantal aanbevelingen terug mailt die vervolgens letterlijk in het collegevoorstel terechtkomen.

Mr Paul Bosch van Drakestein, die de Fietsvrienden helpt bij de juridische stappen en zelf veel gebruik maakte van het afgesloten fietspad, vult aan: ,,Het kan niet dat één van de partijen mee schrijft aan het collegebesluit.” 

Om hun zaak te kunnen voorbereiden hebben de Fietsvrienden onderzoek gedaan en daarbij allerlei documenten verzameld. Met name het archief van de Rijwielpadenvereniging Gooi en Eemland bleek heel nuttig. Uit de stukken die we verzamelden, bleek dat de provincie Utrecht en de gemeente Baarn al sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw betrokken zijn bij de openstelling van het afgesloten fietspad”, aldus Bosch van Drakestein. ,,Toen we dachten dat we nog wat misten, hebben we, met een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB), uiteindelijk de drie e-mails tussen de wethouder en de landgoedeigenaar gekregen.” De redactie van deze krant heeft dezelfde correspondentie opgevraagd en gekregen. 

GEMEENTE De redactie heeft wethouder Vissers gevraagd of ze, als ze had geweten dat deze correspondentie openbaar zou worden, haar dan op dezelfde wijze gevoerd. Dat in de mailwisseling wordt gesuggereerd dat de wethouder ‘samenwerkt’ met de landgoedeigenaar om het handhavingsverzoek van de fietsvrienden af te wijzen. En of het gewoon is om, bij onenigheid tussen twee partijen, mail van de ene partij die aan het gemeentebestuur, lees: wethouder, wordt gestuurd integraal door te mailen naar de andere partij.

Hierop is vanuit de gemeente Baarn als volgt gereageerd: ,,Vooropgesteld: een gemeente heeft in een kwestie als deze - met een verschil van inzicht tussen externe partijen - verschillende rollen. Onder meer die van toetser van juridische regels - bijvoorbeeld bij een handhavingsverzoek, maar idealiter ook die van bemiddelaar om te proberen of er met de externe partijen gemeenschappelijke grond kan worden gevonden voor een gezamenlijke oplossing. Die laatste rol vergt een veel meer hands-on aanpak en open overleg. De betreffende correspondentie is daar onder meer een weerslag van. In het licht daarvan had de wethouder ook terugkijkend deze correspondentie met de externe partijen op dezelfde open wijze gevoerd.

Er is geen sprake (geweest) van samenwerking met de landgoedeigenaar om het handhavingsverzoek van de fietsvrienden af te wijzen. De inzet van de wethouder is er allereerst op gericht geweest het op het landgoed Pijnenburg afgesloten pad weer open te (laten) stellen. Hiertoe heeft zij samen met de wethouder Verkeer van de gemeente Soest een aantal maal gesproken met de landgoedeigenaar. Toen volstrekt helder was dat de landgoedeigenaar niet bereid was openstelling te overwegen, heeft de wethouder zich ingezet om samen met de landgoedeigenaar en Staatsbosbeheer een alternatief te vinden. Hiertoe zijn ook wederom een aantal gesprekken gevoerd. Samenwerking zou er dan op gericht zijn om op het landgoed dan wel op het terrein van Staatsbosbeheer een alternatieve fietsverbinding te vinden. De wethouder heeft daarbij wel aangegeven dat het inmiddels gevonden alternatief pas in beeld komt als de beroepsprocedure met betrekking tot het afgewezen handhavingsverzoek is uitgediend. Ook heeft de wethouder zich in de tussentijd ingezet voor bestuurlijk draagvlak voor het verbeteren van de fietsveiligheid op de Embranchementsweg. Dat is succesvol geweest, want dit project staat inmiddels als prioriteit 1 op de uitvoeringsagenda fietsverbindingen/fietsveiligheid van de Provincie Utrecht.

Zoals gezegd is het vanuit een bemiddelende rol gericht op gezamenlijke oplossingen gebruikelijk om open met betrokkenen te overleggen en hen te informeren. Dat blijft de wethouder ook doen, mede gelet op de besprekingen over het alternatieve fietspad. Ook worden reacties/persberichten met betrekking tot deze zaak met hen afgestemd.”

STAND VAN ZAKEN Op de vraag wat momenteel de stand van zaken is met betrekking tot het fietspad, antwoordt Paul Bosch van Drakestein: ,,Ons handhavingsverzoek is door de gemeente Baarn afgewezen. Daartegen hebben we bezwaar gemaakt, wat ook is afgewezen. We zijn daartegen in beroep gegaan bij de Rechtbank Utrecht.” De Fietsvrienden Pijnenburg willen dus dat de gemeente Baarn handhavend optreedt tegen het in hun ogen onrechtmatige afsluiten van het pad over landgoed Pijnenburg dat al tientallen jaren in gebruik is als fietspad.

Door Christine Schut